Adres
Ringdijk 398
2983 GS Ridderkerk
Tel: 0180 - 410 635
Info@kantoorabri.nl
Openingstijden:
Maandag t/m Vrijdag van 09.00 t/m 16.00 uur.
Vergoedingsrecht bij aflossing woning ontstaat pas vanaf betalingsmoment
Als partners een huwelijk of geregistreerd partnerschap met elkaar zijn aangegaan óf samenwonend zijn, kunnen zich situaties voordoen waarin vergoedingsrechten ontstaan. Sinds 2012 geldt bij vergoedingsrechten tussen echtgenoten de beleggingsleer. Kortgezegd betekent dit dat wie privévermogen investeert in een gemeenschappelijk goed, meedeelt in de waardeontwikkeling. Wanneer vergoedingsrechten ontstaan door aflossingen, kan een partner soms met terugwerkende kracht een groot economisch belang in de gezamenlijke woning krijgen. Ook al is de investering pas jaren later gedaan. Het Gerechtshof Den Haag heeft dit op 4 februari 2026 doorbroken (ECLI:NL:GHDHA:2026:180).
Wat zijn vergoedingsrechten?
Een vergoedingsrecht ontstaat wanneer de ene partner betaalt, maar het voordeel bij de ander of bij de gemeenschap terechtkomt. Denk bijvoorbeeld aan:
- een erfenis die in de gezamenlijke woning wordt geïnvesteerd;
- een partner die aflost op een hypotheek die op naam van de ander staat;
- privévermogen dat wordt gebruikt voor een gezamenlijke aankoop.
De kernvraag is steeds dezelfde: wie heeft betaald en wie profiteert er van de investering? Voor gehuwden en geregistreerde partners geeft het Burgerlijk Wetboek een kader. Voor samenwoners bestaat er geen automatische wettelijke regeling voor vergoedingsrechten, en kunnen afspraken worden opgenomen in een samenlevingscontract.
Hof Den Haag: investering telt vanaf het aflossingsmoment
In de zaak bij het Haagse hof ging het om een huwelijk waarin privévermogen werd gebruikt voor aflossingen op een eigenwoninglening. Volgens de uitleg in de parlementaire geschiedenis en een aantal gerechtelijke uitspraken moest bij de berekening worden gekeken naar de waarde van de woning op het moment van aankoop. Het hof kiest nadrukkelijk een andere benadering, namelijk: dat er moet worden gekeken naar de waarde van de woning op het moment waarop de aflossing wordt gedaan. Dit betekent dat het vergoedingsrecht ontstaat vanaf het tijdstip van de aflossing en dat de partner derhalve pas vanaf dat moment meedeelt in de waardestijging.
